Nijmeegse droom komt dichterbij door historische maanmissie
In dit artikel:
De bemanning van Artemis II is recent teruggekeerd naar de aarde; de voorbereidende missie legt volgens onderzoekers de basis voor toekomstige maanlandingen en menselijk ruimteonderzoek richting Mars. Voor astronoom Marc Klein Wolt en zijn team van de Radboud Universiteit in Nijmegen opent de vlucht concrete kansen voor hun langgekoesterde plan: een radiotelescoop op de achterkant van de maan.
De achterzijde van de maan biedt volgens Klein Wolt een unieke observatiepost: ver weg van aardse storingssignalen en zonder atmosfeer kunnen extreem lage frequenties en zwakke kosmische signalen veel zuiverder worden opgevangen. Het Nijmeegse team wil daar antennes neerleggen om naar het allervroegste heelal te luisteren — waartoe vanaf de aarde of in lage baan onmogelijk is.
Nijmegen heeft al praktijkervaring met maanprojecten. Eerder leverde Klein Wolts groep een instrument aan een satelliet die rond de maan cirkelt (in samenwerking met de Chinese Chang’e‑4-missie), een antenne die zeer nauwkeurig kosmische straling mat. Die missie produceerde niet meteen alle wetenschappelijke opbrengst die men hoopte — technische problemen en krappe voorbereiding beperkten resultaten — maar gaf wel belangrijke kennis over het functioneren en overleven van apparatuur achter de maan.
Die opgedane ervaring vormt nu de technische en organisatorische basis voor nieuw ontwerpwerk. Klein Wolt ziet Artemis II als een volgende stap richting realisering van een radiotelescoop op de maanafgrond, die toekomstig ruimteonderzoek en onze blik op het vroege universum aanzienlijk kan verrijken.